Dit neem je echt mee op vakantie met jonge kinderen
16 juli 2026 · 4 min leestijd

Dit neem je echt mee op vakantie met jonge kinderen

Wanneer ouders een vakantie voorbereiden, gaat er opvallend veel aandacht naar wat er in de speelgoedtas verdwijnt. Een favoriete knuffel mag niet ontbreken, net als een paar boekjes voor onderweg, iets om mee te bouwen, iets om mee te kleuren en een spelletje voor "als het even tegenzit". Die voorbereiding is begrijpelijk. 


We willen dat onze kinderen zich prettig voelen in een nieuwe omgeving en we proberen alvast oplossingen te bedenken voor momenten waarop ze zich vervelen of moeten wachten. Toch laat vrijwel iedere vakantie hetzelfde beeld zien. De zorgvuldig gekozen speelgoedtas blijft verrassend vaak dicht, terwijl een kind zich volledig kan verliezen in een handvol schelpen, een emmer water of een stok die onderweg wordt gevonden. Voor veel ouders voelt dat bijna tegenstrijdig.  Waarom laat een kind speelgoed liggen waar thuis dagelijks mee wordt gespeeld? 


Het antwoord begint bij de manier waarop jonge kinderen leren.

💡 Did you know

Jonge kinderen gemiddeld veel langer gefocust blijven op spel met natuurlijke materialen (zoals zand, water en stenen) dan op speelgoed met een vaste functie.

De Amerikaanse ontwikkelingspsycholoog Alison Gopnik beschrijft jonge kinderen als kleine onderzoekers. Zij bouwen hun kennis over de wereld niet alleen op door uitleg van volwassenen, maar vooral door zelf te observeren, te experimenteren en verbanden te leggen. Een kind dat zand door zijn handen laat glijden, ontdekt bijvoorbeeld dat nat zand blijft plakken en droog zand uit elkaar valt. Een peuter die een schelp steeds opnieuw omdraait, onderzoekt vorm, structuur en geluid. Voor volwassenen lijken dit kleine dingen, maar voor een jong brein zijn dit belangrijke leerervaringen. 


Juist daarom verandert een vakantie de manier waarop kinderen spelen. Waar volwassenen vooral een andere locatie zien, ervaart een jong kind een omgeving die vrijwel volledig nieuw is. Andere geuren, andere geluiden, een onbekende slaapkamer, een strand waar de golven blijven bewegen of een bos vol materialen die thuis niet voorhanden zijn. 


De psychiater Daniel J. Siegel legt uit dat de hersenen van jonge kinderen nog volop in ontwikkeling zijn, vooral op het gebied van plannen, impulsen en emoties. Dat betekent dat een dag vol nieuwe indrukken niet alleen leuk is, maar ook vermoeiend kan zijn. Veel ouders herkennen dat moment aan het einde van de dag: een kind dat ineens boos of verdrietig reageert om iets kleins. Dat is vaak geen “lastig gedrag”, maar een teken dat het hoofd vol zit. 


Wanneer je dit begrijpt, wordt ook duidelijk waarom speelgoed op vakantie een andere rol krijgt. Het hoeft niet te concurreren met de omgeving, maar mag juist ondersteunen wat een kind al aan het ontdekken is.


Praktische tips: wat neem je wél mee?


In plaats van veel speelgoed meenemen, helpt het om bewust te kiezen. Hieronder een paar praktische richtlijnen die vaak goed werken:

1. Kies voor open speelgoed


Speelgoed dat op meerdere manieren gebruikt kan worden blijft langer interessant.


Voorbeelden:

  • Stapelstenen of blokken
  • Magnetische tegels
  • Houten figuren of dieren

👉 Tip: kies 1 of 2 sets die klein zijn en makkelijk in een tas passen.

2. Neem iets mee voor onderweg


Onderweg (auto, vliegtuig, restaurant) vraagt om ander speelgoed dan op locatie.


Handig voor onderweg:

  • Een klein boekje
  • Kleurboek + potloden
  • Stickerboek
  • Magnetisch spelletje

👉 Tip: bewaar dit speelgoed apart en geef het pas tijdens de reis. Dat maakt het meteen interessanter.

"Kinderen hebben geen volle speelgoedtas nodig om zich te vermaken, maar ruimte om te ontdekken wat er al is."

3. Neem iets vertrouwds mee


Een nieuwe omgeving kan spannend zijn. Iets herkenbaars helpt enorm.


Denk aan:

  • Favoriete knuffel
  • Bekend boekje
  • Klein spelletje van thuis

👉 Vooral handig bij slapen of momenten van vermoeidheid.


4. Laat ruimte over (letterlijk en figuurlijk)


Je hoeft niet alles vooraf te bedenken. Laat je kind zelf meedenken en kiezen. Vraag bijvoorbeeld: “Welke 3 tot maximaal 5 dingen wil jij echt meenemen?” Door die keuze bij je kind te leggen, gebeurt er iets belangrijks:

  • Je kind voelt eigenaarschap over wat er meegaat
  • Het speelgoed dat gekozen wordt, is vaak echt favoriet
  • Er ontstaat meer betrokkenheid bij het spel
  • Je voorkomt dat je tas vol zit met spullen die uiteindelijk niet gebruikt worden

Daarnaast leert je kind ook iets waardevols: kiezen betekent dat je niet alles mee kunt nemen. Dat maakt het spel vaak juist creatiever.


👉 Tip: houd het bewust klein. Een paar favoriete items + open speelgoed is vaak meer dan genoeg. En minstens zo belangrijk: laat letterlijk ruimte over in je tas en in je planning.



Minder meenemen = vaak meer spel 


Wanneer je met deze kennis opnieuw naar de speelgoedtas kijkt, verandert ook de vraag die je jezelf stelt. Niet: "Hoeveel speelgoed neem ik mee?" maar: "Wat helpt mijn kind om te ontdekken, zonder het spel over te nemen?" 


Goed speelgoed op vakantie is licht, flexibel en open. Het sluit aan bij wat er al is, in plaats van dat het alles bepaalt.  


En misschien is dat wel de belangrijkste conclusie: je hoeft het spel niet te organiseren. Je hoeft alleen de juiste omstandigheden te creëren. 


De rest doet je kind zelf.

K
Kideo Kinderopvang Pedagogisch professional bij Kideo